I 158 Medaille für treue Dienste bei der Deutsche Reichsbahn in Silber
Beschrijving Medailles Oorkonden
Achtergronden
De "Medaille für treue Dienste bei der Deutsche Reichsbahn" (de medaille voor trouwe dienst bij de Duitse spoorwegen) is ingesteld op 18 oktober 1956 in drie klassen: goud (50 jaar), zilver (40 jaar) en brons (25 jaar). Op 28 maart 1973 werd daar aan als hoogste klasse het 
eredraagteken goud toegevoegd. Dit werd toegekend voor een dienstijd van 35 jaar voor vrouwen en 40 jaar trouwe dienst voor mannen. Goud werd vervolgens voor 30 jaar, zilver voor 20 en brons voor 10 jaar trouwe dienst toegekend. Bij de medaille hoorde een oorkonde en een financiële toelage. De medaille werd op de linkerborst gedragen.
 
Type
In de "DDR Spezialkatalog Band I" van Bartel worden zes typen onderscheiden. 
 1956 - a ijzer, 30 mm, oogje dwars op de medaille, met ijzeren Interimsspange
  b idem, medaille van non-ferrometalen
         - 1970 c  idem, 30,0 tot 30,5 mm, oogje evenwijdig aan medaille, met twee Interimsspangen, ook van non-ferrometalen
 1970 - 1973 d idem, 30,3 mm, boogvormig oogje
 1970 - 1973 e idem 30,0 mm, oogje evenwijzig aan de medaille, alleen met stoffen Interimsspange
 1973 - 1990 f idem 32 mm, staatswapen op de achterzijde

Bronnen
Frank Bartel, Auszeichnungen der Deutschen Demokratischen Republik von der Anfängen bis zur Gegenwart, Berlin 1979, p.156.
Frank Bartel, DDR Spezialkatalog 1949-1990 Band I, Staatliche Auszeichnungen, Berlin, 2003, p.120-121.
Günther Tautz, Orden und Medaillen. Staatliche Auszeichnungen der Deutschen Demokratischen Republik, Leipzig, 1983, p.80.