I-121 Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei / 
Medaille Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei

121a1 Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei www.ddrmedailles.nl
121a4 Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei www.ddrmedailles.nl
Achtergronden

Het "Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei" (ereteken van de Duitse Volkspolitie) is ingesteld op 12 mei 1949 en voor het eerst uitgereikt op 1 juli 1949 - nog voor de oprichting van de Duitse Democratische Republiek. In 1959 werd de nieuwe naam: "Medaille Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei". Het ereteken werd verleend voor:
• onderscheidende prestaties, dapperheid en onbaatzuchtige inzet voor de bescherming van de DDR;
• voor versterking en verdere uitbouw van de Duitse Volkspolitie, de brandweer en het gevangeniswezen.De medaille kon worden verleend aan individuen en sinds 1956 ook aan collectieven. In de regel kon men maar eenmalig worden onderscheiden met het ereteken van de Duitse Volkspolitie. Ook een postume onderscheiding was mogelijk. Zo werden de grenssoldaten Unteroffizier Peter Göring (1940-1962) en Unteroffizier Reinhold Huhn (1942-1962) - die dodelijk getroffen werden door kogels tijdens hun dienst - onderscheiden met de "Medaille Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei". Ook de minister van Staatsveiligheid Erich Mielke werd onderscheiden met deze medaille - deze droeg nummer 314. 
Bij een onderscheiding hoorde een oorkonde en een geldbedrag. De toekenning geschiedde door de Chef van de Duitse Volkspolitie die tevens minister van Binnenlandse Zaken ("Minister des Innern") was. Ook de minister van Staatsveiligheid kon deze medaille toekennen. De onderscheiding werd op de linkerborst gedragen.

Typen Medailles
In de "DDR Spezialkatalog Band I" van Bartel worden vier hoofdtypen met daaronder weer subtypen onderscheiden van het "Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei" en de "Medaille Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei":

• a1: (1949 - ) tekst in de vlag, non-ferrometalen, 40,0 mm bij 35,2 mm, nummer achterzijde (0001 - ± 0698), speld aan achterzijde (7,5 mm breed)
• a2:  tekst in de vlag, ijzer, 40,0 mm bij 35,2 mm. nummer achterzijde (± 0704 - ± 1429), speld aan achterzijde, nummer
• a3:  tekst in de vlag, non-ferrometalen, 40,4 mm bij 35,8 mm, nummer achterzijde (± 2046 - ± 2434), speld aan achterzijde, gele veld geheel voorzien van reliëf
• a4: ( - 1955) tekst in de vlag, non-ferrometalen, 40,4 mm bij 35,8 mm, nummer achterzijde (± 3127 - ± 4483), speld aan achterzijde, gele veld partieel voorzien van reliëf
• b1: (1955 - 1962) geen tekst in de vlag, non-ferrometalen, 40,6 mm bij 35,9 mm, nummer achterzijde gefreesd (± 6462 - ± 6869), speld aan achterzijde (10 mm breed)
• b2:  geen tekst in de vlag, non-ferrometalen, 40,6 mm bij 35,9 mm, nummer achterzijde ingeslagen (± 7085 - ± 7350), speld aan achterzijde (10 mm breed)
• b3: (1959 - 1962)Interimsspange die achteraf is toegekend, de miniatuurmedaille die hierop is aangebracht is van ijzer, 15 mm bij 13,7 mm
• c1: (1963 -) staatswapen in de vlag, non-ferrometalen, 41,8 mm bij 35,8 mm, zonder nummer, verticale speld
• c2: ( - 1964) staatswapen in de vlag, non-ferrometalen, 41,8 mm bij 35,8 mm, zonder nummer, horizontale speld
• c3: (1963 -) Interimsspange, de miniatuurmedaille die hierop is aangebracht is van non-ferrometalen, 15 mm bij 14 mm
• d1: (1965 - 1970) aan vijfhoekig lintje, achterzijde glad of met verticale inkeeping onderaan, non-ferrometalen
• d2: (1971 -) aan vijfhoekig lintje, achterzijde met relief of wafelpatroon, non-ferrometalen, boogvormig oog
• d3: aan vijfhoekig lintje, achterzijde met wafelpatroon, non-ferrometalen met een dun groot oog
• d4: ( - 1990) aan vijfhoekig lintje, achterzijde met wafelpatroon, non-ferrometalen met een oog dat onderdeel is van de medaille (niet later erop bevestigd)

121 Medaille Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei www.ddrmedailles.nlBronnen
Frank Bartel, Auszeichnungen der Deutschen Demokratischen Republik von der Anfängen bis zur Gegenwart, Berlin 1979, p.147.
Frank Bartel, DDR Spezialkatalog 1949-1990 Band 1, Staatliche Auszeichnungen, Berlin, 2003, p.89.
Klaus H. Feder, Militärische Orden der Deutschen Demokratischen Republik, Berlin, 2011, p.253.
Klaus H. Feder & Uta Feder, Auszeichnungen im Ministerium für Staatssicherheit der DDR, Rosenheim 1996, p.120-129.
Sven A.G. Kjelllström, DDR. For historical interest collectors Volume 1. Skara, 2011, p.32.
Horst Liebig, Wo sie gefallen sind, stehen wir, Politische Verwaltung der Grenztruppen der DDR, 1983.
121d3 Ehrenzeichen der Deutschen Volkspolizei http://www.ddrmedailles.nl
Günther Tautz, Orden, Preise und Medaillen. Staatliche Auszichnungen der Deutschen Demokratischen Republik, Leipzig, 1980, p.18.
Ralph Pickard, Stasi Decorations and Memorabilia. A Collector's Guide. Lorton Virginia, 2007, p.20-22.
Ralph Pickard, Stasi Decorations and Memorabilia. Volume II. Lorton Virginia, 2012, p.573-575.
Steike, Jörn, ‘Von den »Innern Truppen« zur Bereitschaftpolizei (1953-1990)’ in: Diedrich, Torsten e.a. (red.) Handbuch der bewaffneten Organe der DDR, Augsburg: Weltbild, 2007, p. 69-96.